IJsland 2001

Woensdag 18 juli,

Om 08:00 uur zaten we aan ons ontbijt. Het guesthouse is bezet door een grote groep fransen. De eigenaresse is ook van franse afkomst, dus dat kakelt daar lekker door elkaar. We nemen een taxi naar de haven, en laten ons afzetten bij het kantoor van Eimskip. Daar krijgen we een formulier mee, welk even moet worden gestempeld door de douane. Alleen dit keer zit de douane niet in het zelfde gebouw, maar ongeveer 20 minuten lopen verderop. En het regent. We lopen dus naar de douane, en worden meteen geholpen. Het duurt bijelkaar een 20 minuten, waarna wij weer 20 minuten terug lopen naar Eimskip. Daar wachten we vervolgens 20 minuten totdat we door een medewerker worden opgehaald. Voordat we de auto mee krijgen moeten we nog even een formuliertje ondertekenen, maar vanwege een computerstoring moet dat even in een kantoortje een stukje verderop. Maar uiteindelijk krijgen we dan de sleutel van de auto, en mogen we het terrein verlaten. De auto is in ieder geval prima overgekomen in IJsland. Geen krasje of deukje te bekennen.
Nu nog even wat boodschappen doen, alleen jammer dat de winkels pas om 12:00 uur openen. We rijden dus eerst maar even naar de Blue Lagoon om wat rond te kijken. Er was daar een complete professionele camera ploeg, die schijnbaar een dame aan het filmen waren, want die zat daar in het warme water mooi te zijn.
Via Grindavik waar we onze camper met boodschappen hebben volgestouwd zijn we doorgereden naar Krýsuvik. Het eerste bezoek was aan het solfatorenveld waar we in 1999 ook al geweest waren. Van de stoomspuiter die toen nog hier stond is niets meer over. In oktober 1999 heeft zich hier een explosie voorgedaan, die het compleet heeft verwoest. Er ligt nu enkel nog een meertje. Maar de rest van het solfataren veld, en hete pruttelende potten maakt een bezoek nog steeds de moeite waard.En nu…….. de eerste 4×4 ervaring, een ritje naar de Krýsuvikerberg. De weg is op zich redelijk, maar met een gewone auto zul je hier niet kunnen rijden.
Er zitten behoorlijk diepe geulen in de weg, en enkele erg diepe plassen. Er is een kleine rivierdoorsteek, maar die stelt niet erg veel voor. Toch is het een hele ervaring. Het is de eerste keer op zo’n weg met de camperunit vastgekoppeld, en dat maakt het autorijden net een beetje anders. Maar alles gaat goed, en we komen niet een keer vast te zitten. En nu staan we dan bij de Krýsuvikerberg met uitzicht naar het zuiden op de Atlantische oceaan. Vanaf hier is het eerstvolgende vaste land de zuidpool.In de avond maken we nog een wandeling over de berg. Het weer is enigzins opgeklaard. Vanaf waar we geparkeerd staan hadden we niet veel verder meer gekunnen met de auto. De weg is te steil, en er liggen te veel grote rotsen. Net over de berg hebben we een mooi uitzicht over een mooie roodgekleurde klif beplakt met meeuwen en hun uitwerpselen.

Donderdag 19 juli,

Vannacht is het weer gaan regenen, en op dit moment giet het. De terugweg over het slechte pad is nog wat spectaculairder geworden door de regenval van vannacht. Het was in ieder geval een hele opluchting weer op de verharde weg te staan zonder vast te hebben gezeten. En nu door naar Geysir en Gullfoss. De geysir Strokkur heeft er echt zin in vandaag. Als we aankomen lopen spuit hij in een minuut tijd wel 5 keer de lucht in. Niet alle keren even hard, maar toch…… We bekijken het tafereel nog verschillende keren en wandelen dan naar de berg Laugarfjall. Even lopen door de blubber, en we beklimmen de berg. Vanaf hier hebben we een mooi uitzicht over het hele gebied. We zien dat in tegenstelling tot 1999, ook Geysir zelf af en toe van zich laat horen. Ongeveer om het half uur tot een uur komt er flink beweging in Geysir, en klotst het water enkele meters de lucht in.
We rijden door naar Gullfoss, hier hebben we met het weer minder geluk. De regen komt met bakken uit de hemel. Ook zijn er beperkingen waar je mag komen. Het onderste grasveld is afgezet met touwen, en er staan bordjes dat het verboden is hier te wandelen. Natuurlijk zal er best een goede reden voor zijn dat het is afgezet, maar het maakt het toch net een beetje minder vrij dan voorheen.
We rijden verder over wegnummer F35 of te wel de Kjölur route. Na het slechte wegdek bij Krýsuvik staat het zweet me alweer in de handen, maar deze weg is stukken beter. Er zitten wel wat slechte stukken in, maar door voorzichtig tussen de grote stenen door te manouvreren gaat alles toch prima. We overnachten bij de brug over de Hvitá.

Pages: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14