Menu Close

Zaterdag 24 juli,

Vandaag volgen we de route van de oude postkoets bij Lærdalen. We beginnen niet helemaal op de plaats van waaruit onze trouwe ANWB gids begint bij route 26, en na 50 meter zijn we door de dichte begroeiing de weg alweer kwijt. Even beter rondkijken en we zijn weer terug op het pad waarvandaan we binnen enkele minuten op de route zitten. En voor de eerste keer dat we in Noorwegen zijn hebben we last van de grote muggen. Als je even stil durft te staan wordt je gelijk belaagd door enkele tientallen muggen. Erg snel zijn ze niet, dus als je een mug voelt, en je haalt een keer uit heb je hem te pakken. Gevolg, in no time zitten kleren en handen onder de platgedrukte muggenlijfjes. Met het boekje bij de hand is de route eenvoudig te volgen.
Langs de lager gelegen rivier hangen aan de steile rotswanden enkele loopbruggen welke er niet erg stevig uitzien. Gelukkig worden we hier niet overheen gestuurd. Een waarschuwingsbord geeft ook aan dat we beter geen gebruik kunnen maken van de loopbruggen. We zijn inmiddels aan de andere kant van de rivier, en of het toeval is, of aan de iets hardere wind weet ik niet, maar de muggen zijn weg. Na een twee uur lopen staan we aan de Sokni waterval. Het is een behoorlijke waterval, en zeker de moeite van de wandeling waard, maar de nevel van opspattend water zoals beschreven
in het boekje is nauwelijks waarneembaar. Het advies om vooral de regenjas aan te doen bij het oversteken van de brug hoeven we niet op te volgen. Na nog een uur staan we weer aan het begin van de wandeling, en trakteren we onszelf op een lekker kopje koffie.
We starten de auto en rijden nu richting Jostedalsbreen, om de Nigardsbreen van dichtbij te bekijken. De routekaart van een 8 jaar geleden is nog maar nauwelijks bruikbaar. Richting Sognödalen moeten we plots een tunnel in, die net zoals de 25 kilometer lange tunnel van gisteren niet op de kaart staat. Ook de weg die ons naar het veer moet brengen is verlegd, en op een totaal andere plaats gaan we letterlijk het schip in. Aan de overkant rijden we voorbij een energiecentrale, en de rivier die hier voor misbruikt wordt staat dan ook zo goed als leeg. De kolossale rivierbedding ligt er een beetje verloren bij. Zonde natuurlijk, maar ja ook de Noren willen ‘s avonds natuurlijk wel eens een lampje laten branden. Een stuk verderop parkeren we bij een picknickplaats die uitzicht geeft op de lege rivierbedding. Natuurlijk wil ik over het hek kijken om te zien hoe diep die hier ligt. Dat had ik beter niet kunnen doen. Op de bodem van de kloof ligt een paar kuub huishoudelijk afval. Een 50 meter verderop enkele opengescheurde afvalzakken. De Noren hebben een mooi land, maar kennelijk weten ze het niet allemaal zo goed te waarderen.

Zondag 25 juli,

De muggen hebben gisteren behoorlijk huisgehouden op mijn nek. Het is een en al bult, en het jeukt behoorlijk. De accu van de camper heeft het begeven, en het regent. Maar dat geeft niet want we zitten in Noorwegen. Wat mij betreft het mooiste land van Europa. Werkelijk iedere wandeling is genieten. (En zweten). Wat betreft de accu, alles werkt wat zwakker, maar het werkt nog wel. De waterpomp en het licht doen het nog.
Maar goed. Terwijl ik dit schrijf zit ik op ongeveer een half uur lopen van de Nigardsbreen, een van de vele uitlopers van de Jostedalsbreen. Het weer was slecht vandaag, maar dat kon niet voorkomen dat de gletsjer er van hier af blauw uitzag. We zijn met de boot naar de voet van de gletsjer gevaren. Niet dat ik niet wil wandelen, maar we zagen door de verrekijker duidelijk de erg voorzichtige mensen die hun uiterste best deden niet uit te glijden over de natte rotsen. Het was duidelijk kouder bij de gletsjer, maar het was wel prachtig. Alleen lijkt het erop dat de Noren

voorzichtiger worden. De veiligheidslinten waar we geacht worden achter te blijven, staan nog verder van de gletsjer als in 1996 toen wij hier ook al stonden. Volgens de gegevens van het bezoekerscentrum is de gletsjer sinds die tijd met ongeveer 42 meter gegroeid. Joepie, geen broeikaseffect maar een nieuwe ijstijd breekt aan. Als het zo door gaat hoef ik nog maar in mijn achtertuin te gaan staan om te genieten van zo’n mooie gletsjer. We proberen vanavond nog een keer terug te keren naar de gletsjer om hier wat avondopnamen te maken. Maar nu wacht eerst de
rijst met gehaktballetjes in Saté saus. Om half acht gaan we nog even wandelen naar de Nigardsbreen. De laatste bezoekers hebben zojuist de parkeerplaats verlaten. De Nigardsbreen……….is van ons! Bepakt met camera apparatuur, statief en lieslaarzen beginnen we aan de tocht naar de gletsjer. Bij de gletsjer aangekomen verwissel ik mijn wandelschoenen met de lieslaarzen. Ik zoek de fotospullen bij elkaar die ik nodig heb, en loop door het snelstromende kniediepe water naar de plek waar het koude gletsjerwater in het meer donderd. En vanaf hier, recht voor de gletsjer begin ik enkele opnamen te maken. Ondanks de dikke sokken en de rubberlaarzen koelen mijn voeten flink af. Een kwartiertje later loop ik terug naar de kant, en gaan de lieslaarzen weer terug de rugzak in. We gaan verder richting de gletsjer waar, behalve wij tweeën, niemand aanwezig is. Het is nu iets makkelijker over de veiligheidstouwen te klimmen om net die opnamen te maken die ik hier vanmiddag niet maken kon. Je wilt per slot van rekening niet het slechte voorbeeld zijn voor anderen die dan ook het touw maar laten voor wat het is. Natuurlijk neem ik geen onnodige risico’s en blijf nog op een ruime veilige afstand van de gletsjer. Dan is het nog een half uurtje terug wandelen, een half uurtje rijden en dan is het tijd voor het bed.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *