Menu Close

30 augustus

Het is een wilde nacht geweest. Dat wil zeggen, de camper ging behoorlijk tekeer. Wij sliepen. Verschillende keren werd ik wakker, en iedere keer was het alsof we met de camper op volle zee zaten. Wat is het dan fijn om weer lekker in je warme bedje te kruipen en nog even door te kunnen slapen.

Voor vandaag zijn de verwachtingen laag. Dat wil zeggen, we verwachten veel regen en wind en vrijwel geen zon. Maar al tijdens het ontbijt begint de zon zich wat te laten zien. De regen houd op, slechts de wind blijft.

Gaan we vandaag toch naar The Old man of Storr? We gaan zeker een poging wagen. Het parkeerterrein begint ook al weer langzaam vol te lopen. Een echt systeem van hoe de wagens worden neergezet is er niet. Wij zetten onze camper maar even wat anders neer zodat we straks niet helemaal vast komen te staan.

In 2003 stonden we hier ook om naar boven te lopen, maar moesten toen eerst door een donker bos over een smal paadje klauteren. Alles bij elkaar zijn we toen misschien tweeënhalve persoon tegengekomen. Nu lopen we zowat in een colonne naar boven, en het bos is verdwenen. Het enige wat rest zijn stompjes boomstam en stapels, vele stapels met gekapt hout. Wat is er gebeurt met Skye? Het lijkt in de afgelopen jaren te zijn ontdekt door de mensenmassa.
Tussen de zwaaiende selfiesticks en duckface models die daarnaast ook nog een namaaklach in hun gezicht trekken lopen wij naar boven.

Op zoek naar een beter standpunt klauter ik op een rots van ongeveer 10 meter hoog. Geen moeilijke klim, tot de wind weer in alle hevigheid op komt zetten. Ik moet zo laag mogelijk gaan zitten en me met mijn benen schrap zetten terwijl ik met een hand mezelf aan een rots vasthoud en de andere hand probeert om de camera te bedienen.

Voor de terugweg naar beneden pak ik eerst mijn camera in de rugzak zodat ik mijn handen vrij heb. Ik ben blij als ik weer met beide benen veilig op de vaste grond sta. We wandelen nog een stuk verder op zoek naar een beter en mooier standpunt en vinden dat op een hoger gelegen klif waar nog slechts een enkeling zich waagt. De rest staat selfie schietend op een lager gelegen rots te gillen en te springen.

 

 

Dan kun je kiezen tussen twee routes terug naar de parkeerplaats. Route A, dat is de kortste en tevens de route waar 99,9 procent van de bezoekers wandelt, en route B. Dat is een wat langere route waar dus buiten ons om verder niemand te vinden is.

Op de parkeerplaats is onze camper zo ingebouwd dat we niet meteen weg kunnen. Dat lukt wel zodra een ander stelletje bij onze camper wegrijd. Wij maken snel van die gelegenheid gebruik om er vandoor te gaan, want de volgende auto die dat plekje hebben wil staat alweer klaar.

Bij een parkeerplaats een paar kilometer verderop stoppen we. We zagen er eerder toen we hier langs reden een aantal auto’s staan ten teken dat hier langs de kust vast iets te zien zal zijn. Langs de kust staan restanten van een oude fabriek. Vroeger werd hier diatomine gewonnen. In 1914 werd de fabriek verlaten. De restanten zijn echter wel fotogeniek. We lopen over een lastig pad naar beneden waarbij we ook nog even een kleine zijweg nemen naar een leuke waterval.

Bij de oude fabriek nemen we pauze en wat foto’s alvorens we het steile pad weer omhoog klimmen.