Menu Close

31 augustus
Vandaag ben ik weer eens met de neus op de feiten gedrukt. Als een wandelroute boekje een bepaald gebied helemaal de hemel in prijst vanwege de vele bijzondere dingen die daar te zien zijn, dan kan het eigenlijk alleen maar tegenvallen. De wandeling “An aird and Dunan an Aislidh” (spreek het uit zoals je wilt, ik heb ook geen idee) beschrijft een wandeling met spectaculaire en of mooie uitzichten. Als er wordt gesproken over uitzichten wil de schrijver ons enkel vertellen dat er eigenlijk niets te zien is, want wat is een uitzicht? Ik heb thuis ook een uitzicht. Ik zou je dan kunnen vertellen dat staande voor mijn huis je uitkijkt over een prachtige in oude stijl gerestaureerde boerderij met daarbij een authentieke hooiberg. Het eenvoudige zandpad leidt naar een plaats waar voor enkele jaren nog een prachtige boomgaard met perenbomen stond.

Al met al is daar dus eigenlijk niet echt iets te zien. Net zoals bij deze wandeling. Het mooiste stuk dat wordt beschreven in de wandeling gaat over een paar natuurlijke bogen, zee grotten en een blow hole. De natuurlijke boog zou je inderdaad kunnen zien als je beschikt over een goed stuk touw en wat klimgereedschap zodat je kunt afdalen naar een doorzichtpunt.

De zeegrotten kun je ook bereiken, maar dan moet je eerst het touw bij de natuurlijke boog ophalen en hier opnieuw afdalen.
Kortom, deze wandeling was niet precies wat ik me er van voor had gesteld. Natuurlijk speelde ook het weer niet mee en was het nergens mogelijk om twee gelijke passen te zetten in verband met de enorme hoeveelheden schapenpoep.

We gaan maar een stukje rijden zodat we morgenvroeg aan het begin van de dag meteen vanaf onze camper aan een wandeling kunnen beginnen. Vandaag is toch een bijna complete regendag en dus ideaal om door te brengen in de camper.

Onderweg zien we nog een plaatsje waar drie scheepswrakken in of vlak bij het water liggen. Ik heb vandaag nog geen fatsoenlijke foto geschoten, dus een goed onderwerp zoals scheepswrakken is meer dan welkom.

Bepakt met mijn rugzak loop ik door een zompige weide naar de kust. Ik pak mijn camera uit de tas, als het zachtjes begint te druppen. Zodra ik het objectief op de camera plaats valt het water plots met bakken uit de hemel. Ik schiet toch even twee plaatjes, maar kan dan niet anders dan zeiknat terugkeren naar de camper waar ik nu al weet dat Ans waarschijnlijk helemaal in een deuk ligt omdat ze weet dat ik van regen behoorlijk chagrijnig kan worden.

Nog voordat ik weer goed en wel ben opgedroogd houd ook de regen weer op en wandel ik terug naar mijn stekkie. Aangekomen op mijn stekkie begint het alweer te druppen. Ik vloek een paar keer binnensmonds maar blijf wel op mijn stekkie staan. Een beetje beschut door de scheepswrakken houd ik het redelijk droog.

Het mooiste moment komt als de wolkenhemel openbreekt en de zon alles in een prachtig warm licht zet. Ik kan me even lekker uitleven op de onderwerpen die hier ten overvloeden aanwezig zijn. Twee badkuipen waarbij uit een van deze exemplaren een plant uit de afvoer groeit blijkt plots ook een mooi onderwerp voor een paar foto’s. Oud verweerd touw doet het ook goed, net als wat met mos begroeide planken van de scheepswrakken.

 


Tevreden over wat ik hier voorgeschoteld heb gekregen keer ik terug naar de camper waar ik net voor de volgende bui weer naar binnen stap.

We rijden door naar Glen Brittle. We zoeken daar een plekje voor de nacht. Onderweg pikken we een lifter op die op de camping werkt waar vanuit onze wandeltocht morgen van start gaat. We zetten hem bij de camping af en besluiten zelf ook maar hier te blijven staan.
Terwijl de regen soms zachtjes soms hard op de camper neerdaalt, houd ik me binnen bezig met het opladen van alle accu’s en het schoonmaken van de camera’s en de objectieven. Ook dat hoort erbij.